Het schoudergewricht is het meest instabiele gewricht van het lichaam. Om meer stabiliteit in het schoudergewricht te krijgen, zit er een labrum in de kom van de schouder. Het labrum is een kraakbeenachtige ring die op de rand van de kom van de schouder zit. Het labrum heeft twee functies:

  • Het vergroot de relatief kleine kom van de schouder
  • Het heeft een zuignap functie zodat de bovenarm aansluiting vindt in de schouderkom

Beiden zorgen ervoor dat de schouder stabiel is. Bij een val of een plotselinge krachtige beweging kan de schouder uit de kom gaan (luxatie). Indien de kracht groot genoeg is, kan de kop bij een luxatie het labrum los scheuren. Vaak scheurt daarmee ook het kapsel aan de voorzijde los. Dit zorgt ervoor dat de stabiliserende functie nadien ontbreekt.

 

Bij bewegingen van de arm naar achteren wordt de kop naar voren geduwd. Bij onvoldoende tegenkracht van het kapsel en banden aan de voorzijde van de schouder, kan de kop van de bovenarm daarom een volgende keer veel makkelijker over de voorrand van de kom schieten en opnieuw (sub)luxeren.

 

Er zijn ook mensen bij wie het schouderkapsel van nature ruim is. Een (te) ruim kapsel kan ook aanleiding zijn tot schouderklachten. Deze vorm van instabiliteit bestaat niet uit echte luxaties, maar uit een instabiel gevoel en een klikkend gevoel en/of geluid, omdat de schouderkop op de rand van de kom kan staan en vervolgens weer terugschiet in zijn normale positie (subluxaties).

De klachten die je hebt bij schouder instabiliteit kunnen zijn:

  • Als het labrum scheurt kan dit een scherp gevoel geven maar ook een doffe, diepe en kloppende pijn in het schoudergewricht
  • Een klikkend geluid/gevoel bij bewegingen van de arm
  • De pijn neemt toe bij bewegingen van de arm, waarbij sprake kan zijn van een bewegingsbeperking
  • Omdat de kans op luxatie van de schouder groter is dan normaal kan dit angst geven om de arm naar achteren en omhoog te bewegen, zoals bij het werpen van een bal

De oorzaken van een schouder instabiliteit kunnen zijn:

  • Naar aanleiding van een ongeluk of eerder doorgemaakte blessure
  • Als gevolg van een val met gestrekte arm
  • Een ernstige verdraaiing van de schouder
  • Als gevolg van veelvuldig uitvoeren van werpsporten
  • Schouderinstabiliteit komt ook van nature voor

De volgende factoren kunnen het herstel bevorderen:

  • Voor mensen met een acute luxatie is het noodzakelijk om de huisarts of eerste hulp te consulteren
  • Na de acute fase is het goed om te starten met oefeningen
  • Voor mensen die van nature een instabiel schoudergewricht hebben is het van belang om stabiliserende oefeningen uit te voeren op advies van de HelloFysiotherapeut.

Schouderbladen naar elkaar in zit

Ga rechtop zitten en laat je armen langs je lichaam hangen. Breng vanuit deze positie je schouderbladen naar elkaar toe en omlaag.

Schouder naar buiten draaien in zijlig

Ga op je zij liggen met je arm onder je hoofd. Lig op de kant waar je geen pijn hebt. Buig je andere arm nu 90 graden, waarbij je hand de grond raakt. Breng nu je hand met gestrekte pols richting het plafond. Laat deze geleidelijk weer terug naar de grond zakken.

Om de bovenarm en de spieren van de schouder soepel langs het gewricht te laten glijden, zit onder het schouderdakje een met slijm gevulde ballon, de zogenaamde ‘slijmbeurs’. Indien de slijmbeurs geïrriteerd raakt zwelt deze op en kan deze bekneld raken bij bepaalde bewegingen van de arm, bijvoorbeeld bij het heffen van de arm. Dit veroorzaakt pijnklachten en een beperking in bepaalde bewegingen van de arm.

anatomie schouder, ac, slimbeurs, kneuzing 2018.jpg

De belangrijkste verschijnselen zijn felle pijnen en een verminderde beweeglijkheid van de schouder.

De pijn kan ontstaan of toenemen door:

  • Pijn rond het schoudergewricht bij heffen en draaien van de arm
  • Uitstralende pijn naar de elleboog of nek
  • Nachtelijke pijn bij het liggen op de arm

Op grond van de beschrijving van de klachten wordt de diagnose vaak al vermoed. Bij het lichamelijk onderzoek worden testen uitgevoerd, waardoor de klachten tijdelijk kunnen toenemen. In ernstige gevallen waar sprake is van een slijmbeursontsteking die blijft terugkomen, kan een röntgenfoto/echo gemaakt worden om andere oorzaken uit te sluiten. Soms is hierop een kalkafzetting te zien. Kalkafzettingen zijn een teken van een (genezen) spierbeschadiging. In enkele gevallen wordt een MRI/echo gemaakt om een scheur in de spieraanhechting op te sporen.

De slijmbeurs kan door meerdere oorzaken geïrriteerd raken:

  • Overbelasting, bijvoorbeeld door het werken boven het hoofd of door klusactiviteiten
  • Een instabiele schouder met een inklemming als gevolg
  • Kalkafzettingen uit een ontstoken schouderpees. Deze kalkafzetting slaat neer in de slijmbeurs, die hier vervolgens met zwelling en een ontsteking op reageert

De literatuur beschrijft een spontaan herstel binnen 3 tot 8 weken door de belasting op de schouder te verlagen. Bij hardnekkige irritatie kunnen één of meerdere injecties in de slijmbeurs worden gegeven. Belangrijk is om te weten wat de oorzaak van de klacht is en dit aan te pakken. Je kunt verder het volgende doen:

 

Blijven bewegen

  • Rust roest, blijf de arm, nek en elleboog dus binnen de pijngrens (onbelast) bewegen.
  • Slaap niet op de pijnlijke zijde, dit om inklemming van slijmbeurs en pezen te voorkomen.

Naar de fysiotherapeut

De fysiotherapeut kan je helpen de klachten te verminderen. Hierbij kun je o.a. denken aan een stukje voorlichting, het behouden van de beweeglijkheid van de gewrichten rondom de schouder. Naast het herstellen van de beweeglijkheid zal training van de schouderspieren ook een belangrijke rol spelen.

Nek rekken zijwaarts - close-up

Schouderbladen naar elkaar in zit

Ga rechtop zitten en laat je armen langs je lichaam hangen. Breng vanuit deze positie je schouderbladen naar elkaar toe en omlaag.

Schouderbungelen voor- en achterwaarts

Ga achter een stoel staan. Zet eeŽŽn been iets naar voren, zodat je licht voorover buigt. Pak met je tegenovergestelde arm een gewichtje. Laat je arm ontspannen hangen en zwaai het gewichtje licht van voor naar achter. Houd je schouders laag en ontspannen.

In gewrichten zit kraakbeen en gewrichtsvloeistof welke ervoor zorgen dat botten soepel over elkaar heen kunnen bewegen. Bij artrose, ook wel slijtage genoemd, gaat er meer gewrichtskraakbeen verloren dan er door het lichaam geproduceerd kan worden. Hierdoor wordt het kraakbeen dunner en kan het op sommige plaatsen geheel verdwijnen, waardoor bot op bot contact kan ontstaan. Daarnaast vermindert de gewrichtsvloeistof (synovium). Het synovium is nodig om het gewricht soepel te bewegen en om schokken op te vangen. Als het synovium afneemt, schuren de gewrichtsoppervlakken (nog) meer over elkaar heen wat pijn en stijfheid kan opleveren. Artrose komt voornamelijk voor in de gewrichten van de knie, nek, heup, schouder en de hand.

Als gevolg van de artrose ontstaat bot op bot contact met stijfheid en pijn tot gevolg. De mate van klachten die iemand ervaart als gevolg van artrose zijn zeer verschillend. Zo zijn er mensen met een ernstige afwijking maar zonder veel pijn en ook mensen met minder aantoonbare klachten die toch veel pijn ervaren. Klachten die ervaren kunnen worden zijn:

  • Stijfheid in de ochtend en na een periode van ‘het niet bewegen’ van het betreffende lichaamsdeel. Dit wordt ook wel startstijfheid genoemd. Meestal verdwijnt deze stijfheid na een paar minuten tot een half uur afhankelijk van de mate van artrose
  • De beweeglijkheid van de schouder wordt beperkt bij het zijwaarts omhoog bewegen van de arm en het naar binnen en naar buiten draaien van de arm
  • Crepitaties (kraken, zanderig geluid) bij het bewegen
  • De pijn kan uitstralen tot in de hand en nek en kan gepaard gaan met tintelingen in de hand
  • Nachtelijke pijn

Artrose kan verschillende oorzaken hebben:

  • Als gevolg van het verouderingsproces. Afname van het kwaliteit van kraakbeen is een normaal proces. Vrijwel iedereen boven de zestig jaar lijdt eigenlijk wel aan een bepaalde mate van artrose
  • Overbelasting door bepaalde sporten of werk
  • Naar aanleiding van een breuk of een aangeboren scheefstand in het gewricht

Aan artrose kun je een aantal dingen doen:

 

Blijven bewegen
Als gevolg van de pijn en stijfheid heb je de neiging minder te gaan bewegen. Beweging zorgt er echter voor dat er voedingstoffen naar het kraakbeen worden vervoerd, waardoor het kraakbeen in betere conditie blijft. Ook zorg je er door voldoende beweging en oefeningen voor dat de spieren sterk blijven waardoor er minder druk op het aangedane gewricht komt. Hierdoor kun je voorkomen dat klachten verergeren.

 

Bewegen en een actieve levensstijl zorgen dus voor een positieve bijdrage aan de kwaliteit van leven en helpen de klachten te verminderen.

Schouderbladen naar elkaar in zit

Ga rechtop zitten en laat je armen langs je lichaam hangen. Breng vanuit deze positie je schouderbladen naar elkaar toe en omlaag.

Schouder bungelen circulair

Ga achter een stoel staan en pak met een hand de leuning. Buig met een rechte rug licht voorover. Pak met je vrije hand een gewichtje en laat deze ontspannen hangen. Maak nu cirkelvormige bewegingen. Begin met kleine cirkels en maak ze steeds groter.

Schouders draaien in zit

Ga rechtop in een stoel zitten. Breng je armen zijwaarts op schouderhoogte. Buig je onderarmen omhoog, zodat je met je handen naar het plafond wijst. Beweeg nu je onderarmen en handen richting de grond en geleidelijk weer terug naar het plafond. Je draait vanuit je schouders. Herhaal deze beweging.

Armen langer maken

Een AC luxatie ontstaat wanneer het sleutelbeen uit de kom van het schouderblad schiet en zo de verbinding tussen het sleutelbeen en het schouderblad beschadigt. De ernst van deze aandoening is afhankelijk van de mate van de schade aan het gewrichtskapsel tussen schouderblad en sleutelbeen en de verstevigingsbanden (ligamenten).

anatomie schouder, ac, slimbeurs, kneuzing 2018.jpg

De gradaties in de ernst van de klacht bepalen in sterke mate de symptomen die ontstaan bij deze klacht.

 

Lichte beschadiging
Bij een lichte beschadiging heb je een lichte pijn, met mogelijk een zwelling of bloeduitstorting.

 

Zwaardere beschadiging
Bij zwaardere beschadigingen heb je hevige, constante pijn inclusief een duidelijke zwelling en verkleuring aan het schoudergewricht. Het gebruiken van de schouder is beperkt en gaat gepaard met veel pijn.

 

Ernstige beschadiging
Bij een ernstige AC luxatie is er sprake van een complete scheuring van het kapsel en de banden. Hierdoor kan het sleutelbeen op de schoudertop wat uitsteken. Dit wordt ook wel het pianotoetsfenomeen genoemd.

AC luxatie wordt vrijwel altijd veroorzaakt door een ongeval; een directe val of klap op de schouder. Hierdoor wordt het schouderblad naar beneden gedrukt en het sleutelbeen kan deze beweging niet volledig volgen, waardoor de beschadigingen ontstaan.

Wat je zelf aan een AC luxatie kunt doen, hangt af van de ernst van de klacht. Bespreek de diagnose en het behandelplan met een arts.

 

Bij een lichte beschadiging is rust en ondersteuning van de schouder met behulp van mitella voldoende voor herstel en kunnen indien gewenst pijnstillers voorgeschreven worden.

Nek draaien

Ga rechtop zitten of staan en maak je wervelkolom zo lang mogelijk, alsof er een touwtje aan je kruin zit en je omhoog getrokken wordt. Draai je hoofd afwisselend naar links en naar rechts.

Schouderbungelen voor- en achterwaarts

Ga achter een stoel staan. Zet ŽŽeen been iets naar voren, zodat je licht voorover buigt. Pak met je tegenovergestelde arm een gewichtje. Laat je arm ontspannen hangen en zwaai het gewichtje licht van voor naar achter. Houd je schouders laag en ontspannen.

De schouder is een complex gewricht dat is samengesteld uit de bovenarm, het schouderblad en het sleutelbeen. Bij een schouderkneuzing kunnen banden, kapsel, pezen, spieren, botten, kraakbeen en labrum (ringvormige bindweefselstructuur rond de schouderkom) betrokken zijn.

Als je de schouder kneust, dan heb je vaak pijn en zwelling rond gewricht. Het gewricht kan ook blauw worden als gevolg van het scheuren van kleine haarvaten. Het kan zijn dat je door de zwelling beperkt bent in bewegingen van de schouder. Als klachten langer aanhouden kan krachtsverlies optreden.

Een val op de schouder, elleboog, hand (val incidenten bij ouderen/sporten) of een verdraaiing kan leiden tot een kneuzing van het schoudergewricht.

Consulteer altijd de huisarts om een breuk of scheuring van de banden en/of pezen uit te laten sluiten.

Beweeg de schouder binnen de mogelijkheden op geleide van de pijn. Gebruik een ijspakking om de pijn rond het schoudergewricht te verzachten gedurende 15 minuten 1 tot 3x per dag.

Gebruik eventueel een sling of mitella, of houd de hand in de zak bij staan en lopen. Bij het aankleden is het raadzaam eerst de geblesseerde arm in de mouw te steken en bij het uitkleden eerst de gezonde arm uit de mouw halen. Het normale genezingsproces duurt 1 tot 3 maanden.

Schouders achterwaarts rollen

Ga rechtop zitten en laat je armen naast je hangen. Maak achterwaartse cirkels met je schouders. Begin met kleine cirkels en maak deze steeds groter.

Schouder bungelen circulair

Ga achter een stoel staan en pak met een hand de leuning. Buig met een rechte rug licht voorover. Pak met je vrije hand een gewichtje en laat deze ontspannen hangen. Maak nu cirkelvormige bewegingen. Begin met kleine cirkels en maak ze steeds groter.

Armen losschudden

Tot voor enkele jaren geleden werd de term RSI vaak gebruikt, maar deze is in toenemende mate vervangen door KANS (Klachten van Arm, Nek en Schouder). Er wordt onderscheid gemaakt tussen aspecifieke en specifieke KANS.

 

Aspecifieke KANS
Bij aspecifieke KANS is er niet direct een specifieke medische diagnose aan te wijzen. Deze KANS klachten komen het meeste voor.

 

Specifieke KANS
Bij een specifieke KANS klacht wordt wel een lichamelijke oorzaak vastgesteld. In totaal zijn er 23 specifieke KANS aandoeningen.
Voorbeelden van specifieke KANS klachten zijn:

  • Carpaal tunnelsyndroom
  • Tenniselleboog
  • Golferelleboog
  • Inklemmingsklachten van de schouder

De belangrijkste symptomen bij KANS klachten zijn:

  • Pijn
  • Tintelingen of een doof gevoel
  • Kramp/vermoeidheid
  • Stijfheid
  • Krachtsverlies

In ernstige gevallen komen zwellingen, veranderingen van huidkleur en verschillen in temperatuur voor.

Er is vaak sprake van een combinatie van factoren die tot KANS leiden. Oorzaken kunnen zowel binnen als buiten het werk liggen.

 

Werkgerelateerde factoren

  • Werkdruk
  • Werkorganisatie
  • Werktijden
  • Werkplek
  • Werkwijze

Persoonsgebonden factoren

  • Verkeerde houding
  • Slechte werk-privé balans
  • Stress
  • Eentonig werk
  • Weinig sociale ondersteuning van collega’s

Het belangrijkste bij KANS is dat je achterhaalt welke risicofactoren in jouw specifieke geval een rol spelen bij het ontstaan en in stand houden van de klachten. Beginnende KANS klachten herstellen vaak vanzelf door kleine aanpassingen in het werkgedrag of houding. Ook is het van belang om te analyseren of er in de privé sfeer zaken meespelen die de klachten kunnen veroorzaken en/of in stand houden. Zit je thuis bijvoorbeeld veel achter de computer dan is het ook daar belangrijk dat je een goed ingestelde werkplek hebt, voldoende rustmomenten neemt en voldoende van lichaamshouding wisselt. Met spierversterkende oefeningen maak je het schoudergebied sterker, waardoor je meer aan kunt.

 

Tips

  • Zorg voor een gezonde leefstijl door veel te bewegen en te sporten, gezond te eten en voldoende te slapen en een positieve mindset
  • Zorg voor een S-vorm in de wervelkolom: de onderrug is licht hol, de middenrug iets bollen en de nek weer licht hol
  • Wissel voldoende af in houding en taken tijdens het werk
  • Zorg voor een optimale ergonomie

Bovenrug Molenwieken

Ga rechtop zitten of staan en maak je wervelkolom zo lang mogelijk, alsof er een touwtje aan je kruin zit en je omhoog getrokken wordt. Breng je armen om en om gestrekt omhoog en naar beneden.

Nek rekken zijwaarts close-up

Triceps met gewichtje (eenzijdig)

Ga voor een stoel (zonder wielen) staan. Leg je rechter knie op het zitvlak en je rechterhand op de leuning. Houd met je linkerhand een gewichtje vast. Breng je onderarm met het gewichtje omhoog, terwijl je bovenarm stil en naast je lichaam blijft.

Schouder bungelen circulair

Ga achter een stoel staan en pak met een hand de leuning. Buig met een rechte rug licht voorover. Pak met je vrije hand een gewichtje en laat deze ontspannen hangen. Maak nu cirkelvormige bewegingen. Begin met kleine cirkels en maak ze steeds groter.

De ruimte tussen de kop van de bovenarm en het schouderdak bedraagt ongeveer 1 cm. Als deze ruimte kleiner wordt, kunnen weefsels minder goed onder het schouderdak door bewegen. Hierdoor kan een inklemming ontstaan van structuren tussen de kop van de bovenarm en het schouderdak. Structuren die bekneld kunnen raken zijn de slijmbeurs (bursa), het kapsel en/of de pezen van schouderspieren.

Klachten ontstaan meestal sluimerend en openbaren zich vaak pas aan het eind van de dag of na een lichamelijke activiteit en met name bij het heffen van de arm. In een later stadium houden de klachten langer aan en kan de beweeglijkheid van de schoudergordel door de pijn geleidelijk verminderen.

 

Andere activiteiten die pijnlijk kunnen zijn:

  • Liggen op de aangedane schouder
  • Iets uit de achterzak van de broek pakken of de BH sluiting vast maken
  • Het aan- en uittrekken van een jas of trui.
  • Zijwaartse bewegingen met name op schouderhoogte
  • Het heffen van de arm waarbij naar binnen of naar buiten wordt gedraaid (werpbeweging).

Inklemmingsklachten kunnen door verschillende oorzaken ontstaan. Voorbeelden hiervan zijn:

  • Een te nauwe of afwijkende vorm van het schouderdak, waardoor de schouderkop minder ruimte heeft om goed te bewegen.
  • Veroudering van het weefsel waardoor de peeskwaliteit afneemt.
  • Overbelasting van de schouder bijvoorbeeld bij werpsporters of bij mensen die veel muizen of met de armen (boven het hoofd) werken.
  • Mensen die verminderd belastbaar zijn door aanhoudende stress en/of door een verminderde lichamelijke conditie.
  • Verzwakte coördinatie/schouderspieren ofwel instabiliteit.
  • Een versterkte kromming van de rug en het voordragen van het hoofd t.o.v. de romp. Hierdoor kan het schouderblad minder goed mee bewegen. Dit kan op termijn klachten veroorzaken.
  • Te weinig, of juist te veel beweeglijkheid in het gewricht.
  • Een ongeluk zoals een val op de schouder, waardoor weefsels onder het schouderdak ontstoken raken.

De behandeling van inklemmingsklachten is afhankelijk van de oorzaak. Wanneer er sprake is van een acute ontsteking zal de huisarts rust adviseren en mogelijk pijnstillers meegeven of een injectie geven. Deze injectie bevat een ontstekingsremmer en een pijnstiller. Het is belangrijk de schouder te blijven bewegen binnen de pijngrens, om zo te voorkomen dat de schouder stijf wordt.

 

Voorkom of beperk de volgende zaken zoveel mogelijk:

  • Werk dat veel of langdurig kracht vergt van de bovenarmspieren bijvoorbeeld schilderwerkzaamheden
  • Hand-armtrillingen (hoog trillingsniveau en/of langdurige blootstelling)
  • Werken onder hoge werkdruk

De fysiotherapeut kan je helpen om de spierfunctie te verbeteren en de beweeglijkheid van de schouder weer te normaliseren. Daarnaast kan er gewerkt worden aan een goede houding en krijg je inzicht in het toepassen van herstelmomenten bij belastende activiteiten.

Schouders achterwaarts rollen

Ga rechtop zitten en laat je armen naast je hangen. Maak achterwaartse cirkels met je schouders. Begin met kleine cirkels en maak deze steeds groter.

Arm laten afhangen 8-jes maken

Schouder rekken voorlangs

Schouder shrugs

Schouder retractie in buiklig

Fibromyalgie betekent letterlijk “pijn in bindweefsel en spieren”. Fibromyalgie veroorzaakt pijn, stijfheid en vermoeidheid, die chronisch zijn. Waardoor mensen met fibromyalgie precies klachten krijgen, is onbekend. In hun lichaam is niets te vinden dat de aandoening kan verklaren. Fibromyalgie is daardoor erg moeilijk vast te stellen.

Uiteenlopende verschijnselen zijn mogelijk, die per persoon verschillen en die wisselend aanwezig kunnen zijn:

  • Slaapproblemen
  • Pijnlocaties over het hele lichaam
  • Hoofdpijn
  • Vermoeidheid
  • Darmklachten
  • Ochtendstijfheid
  • Duizeligheid
  • Hartkloppingen
  • Gevoelens van angst en depressie
  • Transpireren
  • Overgevoelig zijn voor koude en warmte
  • Tintelingen in tenen en vingers

De klachten zijn vaak langer dan 3 tot 6 maanden aanwezig.

De oorzaak van fibromyalgie is onbekend. Lichamelijke- en psychische klachten (stress, depressie, angsten) en sociale factoren kunnen een rol spelen bij het ontstaan van de klachten.

Leer omgaan met je beperkingen en praat hierover met anderen om de fibromyalgie een plaats te geven.

  • Hou een dag- of weekoverzicht bij. Zijn er activiteiten die te belastend zijn? En zo ja, zijn er alternatieven? Neem eventueel belastende situaties door met jouw fysiotherapeut.
  • Beperk het gebruik van pijnstillers. Neem eventueel jouw medicijngebruik door met de huisarts.
  • Warmte (warmtepakking, douche), massage, lokale massage op pijnpunten, rekoefeningen en ontspanningsoefeningen kunnen de pijn verlichten en de stijfheid verminderen.
  • Blijf binnen jouw mogelijkheden actief (lichamelijk, geestelijk, sociaal).
  • Leer omgaan met je klachten en stem de belasting af op jouw mogelijkheden.
  • Door middel van ontspanningstechnieken kun je je beter ontspannen.
  • Blijf lichamelijk in conditie door te blijven sporten. Er bestaan speciale groepsactiviteiten als bijvoorbeeld aquajogging voor mensen met fibromyalgie.

Bespreek bij aanhoudende klachten de mogelijkheden voor behandeling met de huisarts.

Schouders achterwaarts rollen

Ga rechtop zitten en laat je armen naast je hangen. Maak achterwaartse cirkels met je schouders. Begin met kleine cirkels en maak deze steeds groter.

Kniestrekker rekken

Nek zijwaarts rekken

Heup wiegen in stand

De schouder is een complex gewricht dat is samengesteld uit de bovenarm, het schouderblad en het sleutelbeen. De zenuwbanen en bloedvaten lopen tussen de nekspieren door, daarna tussen eerste rib en sleutelbeen (soms is er een extra halsrib aanwezig) en dan onder de kleine borstspier naar de arm.

 

Het Thoracic Outlet Syndroom is een verzamelnaam voor aandoeningen waarbij de vaatzenuwbundel in de schouderregio bekneld raakt. Deze aandoening is onderdeel van KANS klachten.

 

Mogelijke locaties waar een beknelling kan plaatsvinden zijn:

  • Tussen de spieren van de nek (scalenus syndroom)
  • Druk door extra rib in hals (halsribsyndroom)
  • Tussen de eerste rib en het sleutelbeen (costoclaviculairsyndroom)
  • Tussen de borstkast en de kleine borstspier (hyperabductie syndroom)

90 % betreft afknelling van een zenuw en 10 % afknelling van een bloedvat

Klachten die samenhangen met de afknelling van zenuwen of bloedvaten zijn:

  • Tintelingen in de arm tijdens en na werkzaamheden (zenuw)
  • Bleekheid en blauwverkleuring van de huid en van de handen (bloedvaten)
  • Vermoeidheidsgevoel en pijn (bloedvaten)
  • Verlammende pijn bij bewegingen boven schouderhoogte (bloedvaten)

Kenmerkend voor deze aandoening is dat je vaak ’s nachts last krijgt van de tintelingen in de arm en hand.

  • Slecht genezen sleutelbeenbreuk
  • Aangeboren variatie in anatomie (extra rib)
  • Gevolg van een ander klachtenbeeld: mensen met astma hebben een “hogere” ademhaling (ademen meer met de borstkas dan met de buik) waardoor de eerste rib meer omhoog getrokken wordt, en dus minder ruimte is tussen rib en sleutelbeen
  • Overgewicht
  • Sterke gespierdheid (fitness)
  • Psychische spanningen (meer spierspanning en daardoor afknelling)
  • Telefoneren met de hoorn geklemd tussen hoofd en nek: de nekspieren ontwikkelen meer, wat afknelling kan veroorzaken.
  • Werken met de armen boven het hoofd: de kleine borstspier wordt uitgerekt (strakgetrokken).
  • Zware lasten dragen: ruimte tussen eerste rib en sleutelbeen kan dan kleiner worden bijvoorbeeld tijdens het dragen van een rugzak.
  • Op de computer werken en met het hoofd naar voren zitten: belasting nekspieren.

Afhankelijk van de oorzaak van de klacht, kun je de klachten mogelijk verminderen door de volgende dingen te doen:

  • Optimaliseren van de houding
  • Het instellen van de werkplek conform ARBO normen
  • Het optimaliseren van je houding; schouders laag en iets naar achteren
  • Het verbeteren van de beweeglijkheid, stabiliteit en spierkracht rond de nek en schouders

Nek rekken zijwaarts - close-up

Schouderbladen naar elkaar in zit

Ga rechtop zitten en laat je armen langs je lichaam hangen. Breng vanuit deze positie je schouderbladen naar elkaar toe en omlaag.

Houding oefenen in zit

Het schoudergewricht wordt gevormd door de kop van de bovenarm en de kom van het schouderblad. Daar omheen zit een kapsel met gewrichtsvloeistof. Het gewrichtskapsel zorgt ervoor dat de kop van de bovenarm in de schouderkom blijft. Bij een frozen shoulder treedt er een verkorting en verkleving op van het kapsel.

 

Een frozen shoulder is een kwaal die 2-5% van de bevolking treft. Een spontaan ontstaan van een frozen shoulder komt vooral voor tussen het 40-ste en 65-ste levensjaar en komt iets vaker voor bij vrouwen dan bij mannen. In 12-30% van alle frozen shoulders is er sprake van een dubbelzijdige frozen shoulder.

 

We onderscheiden 2 soorten frozen shoulders, een primaire en secundaire. Bij een primaire frozen shoulder is de reden van ontstaan onduidelijk. Meestal is er wel een overbelasting, val of verkeerde beweging van de schouder aan de klachten vooraf gegaan, waarbij beschadigingen aan het kapsel hebben plaatsgevonden. In plaats van een normaal herstelproces is het kapsel ontstoken en uiteindelijk verkort geraakt.

 

Bij een secundaire frozen shoulder is er wel een onderliggend probleem of oorzaak aan te wijzen zoals bijvoorbeeld suikerziekte, een breuk, operatie of schildkierproblemen.

Een primaire frozen shoulder doorloopt 3 stadia:

1. Vaak ontstaat eerst een gevoel van spierpijn in de bovenarm en toenemende pijn bij het liggen op de schouder. Geleidelijk gaat de spierpijn over in toenemende pijn door ontsteking van het schouderkapsel en een bewegingsbeperking van de arm (bevriezende fase). Onverwachte bewegingen, iets uit je achterzak pakken of aan- en uitkleden kunnen hevige pijn veroorzaken.

2. In de 2e fase neemt de kapselontsteking af en vermindert de pijn. De schouderfunctie raakt echter steeds meer beperkt (bevroren fase).

3. In het laatste stadium treedt er geleidelijk herstel van de beweeglijkheid op en zal de functie zo goed als volledig herstellen (ontdooiende fase).

 

Pijn en bewegingsbeperkingen kunnen in de schouder maanden tot wel twee jaar duren. Helaas is de prognose bij een secundaire frozen shoulder vaak veel minder goed te voorspellen.

Soms is er geen duidelijke oorzaak van een frozen shoulder. Een frozen shoulder zou op de volgende manieren kunnen ontstaan:

  • Na een blessure of breuk van de arm
  • Na een operatie
  • Na een lange periode van inactiviteit, bijvoorbeeld als de arm in het gips heeft gezeten
  • Na een beroerte
  • Diabetes en schildklierproblemen behoren ook tot de risicofactoren

In de bevriezende fase is het raadzaam met de huisarts of fysiotherapeut te overleggen over een behandelplan. Soms wordt in deze fase gekozen voor het injecteren van ontstekingsremmende middelen in de schouder. De huisarts of orthopeed bepaalt hierin het beleid.

 

Het is belangrijk dat je de schouder soepel probeert te houden door deze voorzichtig te bewegen. Dit zou echter de klachten niet moeten verergeren, beweeg dus binnen de pijngrens. Als de pijn afneemt kun je door middel van rekoefeningen de beweeglijkheid van de arm proberen te vergroten.

Nek rekken zijwaarts - close-up

Schouderbladen naar elkaar in zit

Ga rechtop zitten en laat je armen langs je lichaam hangen. Breng vanuit deze positie je schouderbladen naar elkaar toe en omlaag.

Schouder bungelen zijwaarts

Ga achter een stoel staan en pak met ŽŽeen hand de leuning. Buig met een rechte rug licht voorover. Pak met je vrije hand een gewichtje en laat deze ontspannen hangen. Beweeg nu langzaam opzij omhoog en langzaam weer terug.

Schouders draaien in zit

Ga rechtop in een stoel zitten. Breng je armen zijwaarts op schouderhoogte. Buig je onderarmen omhoog, zodat je met je handen naar het plafond wijst. Beweeg nu je onderarmen en handen richting de grond en geleidelijk weer terug naar het plafond. Je draait vanuit je schouders. Herhaal deze beweging.

Last van je Schouder?

Stel je vraag aan de fysiotherapeut

HC Health maakt gebruik van cookies, die noodzakelijk zijn om deze site zo goed mogelijk te laten functioneren. Door op akkoord te klikken of door gebruik te blijven maken van de website, geef je aan hiermee akkoord te gaan. Meer weten over deze cookies?